Strijd Tegen Zonde: Intro;

Category: Bijbel Studies, Video

Een aantal van jullie kwamen op een punt waarbij de strijd met zonde een totale veldslag is geworden. En daarom wil ik het daarover hebben. Ik wil in de komende weken en maanden nemen, … … en ik wil alle grote zonden behandelen waar christenen mee strijden. En ik wil het hebben over die oorlogvoering. Ik wil het hebben over hoe je moet winnen.


Een serie over de strijd tegen zonde. Een paar weken geleden sprak ik met jullie over het verschil tussen een slaaf zijn van zonde, … … en worstelen met zonden, en het feit dat dat een levensgroot verschil is. Als je een slaaf bent van zonde, is dat de dood. Maar een ware christen kan zich soms zo voelen, maar het is toch geen slavernij. Want de Schrift zegt dat de zonde over ons niet zal heersen. En ik weet dat we de laatste paar jaar veel nieuwe gelovigen in de kerk erbij kregen, … … en ik weet wat er gebeurd is in veel van jullie levens. Een aantal van jullie kwamen op een punt waarbij de strijd met zonde een totale veldslag is geworden. En daarom wil ik het daarover hebben. Ik wil in de komende weken en maanden nemen, … … en ik wil alle grote zonden behandelen waar christenen mee strijden. En ik wil het hebben over die oorlogvoering. Ik wil het hebben over hoe je moet winnen. Hoe we voort kunnen gaan in de wedloop temidden van dat alles. Uiteraard kunnen jullie wel een paar grote zonden benoemen. Trots, ongeloof, lust, oneerlijkheid, afgoderij.. En ga zo maar door. Afgunst, jaloersheid, begeerte, gierigheid, wereldgelijkvormigheid. Dit is waar het om gaat; worstelen met verbittering, worstelen met boosheid. Er zijn.. Er zijn een aantal zonden, … … als je al langer christen bent, weet je dat je daarmee te maken krijgt. En broeders, dit is.. In het algemeen, dit heb ik zien gebeuren, … … en sommigen van jullie zullen het wel herkennen. Broeders, toen ik net gered was.. Ik ben in Kalamazoo, Michigan gered, … … en ik ging daar naar een kerk, … … en toen waren er mensen in mijn zondagschoolklas die met elkaar naar bed gingen. Ik had.. Er waren jongens bij die dronkaards waren, en ik dacht: ‘Wat gebeurt hier? Zo zag mijn oude leven eruit, en nu zie ik het in de kerk. Wat gebeurt hier?’ En natuurlijk, ik was gered toen ik John MacArthurs boek, Het Evangelie van Jezus, las. En ik was dus vanaf het begin op de hoogte, … … van het feit dat er mensen tussen zitten die geloven dat je een hels leven kunt leven, … … en dat je dan toch een christen kunt zijn, en naar de hemel gaat. En ik garandeer je, er zijn meer dan zat valse profeten die dat tegenwoordig verkondigen. En ik zat dus in een kerk waar dat het geval was. En ik dacht: Hier klopt iets niet.Dit is niet in overeenstemming met de Schrift. De Schrift zegt: ‘Dwaal niet, zulke mensen zullen het Konikrijk der hemelen niet beërven.’ En toch waren er voorgangers in die gemeente die zeiden: ‘Dat mag je niet zeggen, je gaat te ver. Oordeel niet, opdat u niet geoordeeld wordt.’ Je kent het wel, al die rommel. Broeders, mijn zoon en dochters spelen voetbal bij Alamo. Het heet Alamo Fellowship of zoiets.. Alamo City. En meestal hebben ze tijdens de rust allerlei sprekers. Dit jaar, aan het eind van het seizoen, hadden ze iemand die naar voren kwam, … … en veel van jullie zouden zijn naam kennen als ik die noemde. Hij sprak, en hij heeft zonde niet eens genoemd. Hij heeft het kruis niet eens genoemd. Er was geen kruis in zijn boodschap. geen zonde, geen hel, geen oordeel, niets van dat alles. Het was eigenlijk boodschap over zelfvertrouwen; hij zei zoiets als: als je aan Gods goede kant komt, … … dan zal God je uit de achterste rij halen. En hij ging door met opscheppen over hoe hij in verschillende landen is geweest ofzo.. Maar het was niet het Evangelie. En toen hij klaar was, kwam er de standaard oproep: ‘Wil iemand zijn leven aan Jezus geven?’ En de jongen die het sportgedeelte coördineerde, … … hij kwam naar me toe toen het afgelopen was, helemaal opgewonden. En ik luisterde naar hem, hij zei: ‘Zag je dat, er was jongen daar in een van de vakken, … … en toen de oproep kwam,’ zei hij, ‘zag ik die jongen daar zijn hand opsteken!’ En ik dacht: ‘Hij stak zijn hand op, wat dan nog?’ En weet je wat er gebeurd is? Velen van ons.. Velen van ons realiseren het zich. Ik ken veel jonge mensen.. Ik sta er versteld van, hoeveel mensen er de laatste 3, 4 jaar naar de kerk zijn gekomen. En die hebben online geluisterd naar Paul Washer, en naar John Piper. Naar zulke dingen hebben ze geluisterd. Ze hebben gehoord hoe ware redding eruit ziet, hoe het ware Evangelie eruit ziet. En inderdaad, Paul Washer heeft echt gehamerd op de werkelijkheid van wedergeboorte. En dus, als reactie op al die doodsheid, op al die rommel, … … al dat hedendaagse Joel Osteen-achtige spul. We hebben veel.. James zet dit allemaal op “I’ll be Honest”. En boem! Het is explosief, direct: wedergeboorte is een echte, levensveranderende werkelijkheid. En dat is het inderdaad! En als we naar de Schrift kijken, worden we er telkens door geraakt. We moeten wedergeboren worden, en we realiseren ons dat dit tegenwoordig zo vaak ontbreekt. Het is alleen maar.. geloven. Ik weet nog, daar in die kerk in Michigan. De voorganger in die grote kerk, hij stond daar op zondag en zei: ‘Geloof alleen, geloof alleen.’ Broeders, toen Jezus kwam met Zijn Bergrede, toen Hij Zijn bediening begon, … … Hij zei niet: ‘Geloof alleen.’ Hij zei: ‘Niet ieder die tegen Mij zegt: Heere, Heere, maar wie de wil doet van Mijn Vader.’ En Hij zei daar niet dat we naar de hemel gaan door onze werken. Hij zei: ‘Dat ware geloof is niet alleen het weten van een hoop feitjes over Jezus Christus.’ De duivels geloven dat, maar zij zijn ook niet gered. Het is niet historische kennis over Christus. Uiteindelijk laat het Evangelie ons zien: Het ware geloof is dat wat op Christus ziet als kostbaarder dan al het andere, … … en het is bereid om alles te verkopen om Hem te krijgen. Hij komt naar de rijke jongeling en zegt níet: ‘Geloof je dat ik een echt persoon ben?’ Hij zegt: ‘Ben je bereid om Mij te volgen, de meest waardevolle dingen in je leven te verkopen, om Mij te krijgen? Hij zei: ‘Nee,’ en hij liep weg. Dat is de geloofstest. Zie je, het raakt ons; Wedergeboorte, een nieuw hart, Christus zien als kostbaar. Een nieuwe schepping in Christus. Het oude is voorbijgegaan. Alles is nieuw geworden, dat zien we. Als we Romeinen lezen, een van de meest heerlijke demonstraties van het Evangelie, … … in heel het Nieuwe Testament. En middenin staat er: ‘Laat de zonde niet..’ Kijk, het gaat erom, waar de zonde is toegenomen, is de genade overvloediger. Het maakt niet uit hoeveel.. God gaf de Wet, … … en de mens werd steeds zondiger, steeds goddelozer. Het deed de zonde alleen maar toenemen. Maar Paulus zegt: ‘Toen die Wet kwam, heeft het alleen maar zondige begeerten aangewakkerd, … … opdat de genade des te overvloediger zou zijn. En iemand zal dan zeggen: ‘Als je zo praat, gaan de mensen gewoon heel de dag zondigen.’ Hij zegt: ‘Oh, volstrekt niet!’ Hij zegt: ‘Wat zullen wij dan zeggen? Zullen wij in de zonde blijven, opdat de genade toeneemt?’ Hij zegt: ‘Nee!’ Wandel in de nieuwheid van het leven. Je bent wedergeboren. Zonde zal over u niet heersen. Je zult de wet vervullen, als je in de Geest wandelt. En broeders, dat horen we, … … als we zulke teksten horen, dan geloven we ze. Maar broeders, wat gebeurt er? We beginnen te denken. Luister eens naar deze dingen. Dit komen we tegen: ‘Zalig zijn zij die hongeren en dorsten naar gerechtigheid.’ Dat beschrijft de mensen van het Koninkrijk. Ze hongeren en dorsten naar gerechtigheid. Je zegt: ‘Dus als ik een echte christen ben, … … dan ga ik dus door het leven, en ik zal hongerig zijn, ik zal dorstig zijn. Ik zal verlangen naar gerechtigheid. Ik zal hongerig zijn naar Christus. Ik zal gewoon altijd zo gedreven zijn.’ We lezen zo’n tekst, en we gaan dat denken. Ezechiël 36. Weet je, de ware eigenschap van het Nieuwe Verbond. God zegt dit: ‘Ik zal Mijn Geest in uw binnenste geven, Ik zal maken dat u in Mijn verordeningen wandelt, … … en dat u Mijn bepalingen in acht neemt en ze houdt.’ Oké, hier zien we hoe God zal maken dat we Zijn geboden in acht nemen en houden. Hij zal Zijn Geest aan ons geven, lezen we hier. We zien honger, dorst, we hebben de Geest, we zullen in zijn verordeningen wandelen. We zullen zijn regels in acht nemen en houden. zegt: ‘Zijn geboden zijn niet zwaar, geen zware last.’ Hij zal ze dus niet alleen in ons hart schrijven, en ze ons doen houden, … … het zal ook geen zware last zijn. Het zal niet moeilijk zijn. En dan horen we Jezus zeggen: ‘Mijn juk is zacht, Mijn last is licht.’ Wauw! Zacht.. Licht.. Dat klinkt allemaal geweldig. Galaten 5:24: ‘Wie van Christus zijn, hebben het vlees met zijn hartstochten en verlangens gekruisigd.’ Dus, al mijn dwaze, slechte verlangen zijn gekruisigd. Wat heerlijk! Galaten 1:3: ‘Genade zij u en vrede van God de Vader en van onze Heere Jezus Christus, … … Die Zichzelf gegeven heeft voor onze zonden, opdat Hij ons zou ontrukken aan de tegenwoordige slechte wereld.’ Dus Christus gaf Zichzelf, om ons te ontrukken aan de huidige slechte wereld. Hij zegt: 1 John 5:4: ‘Al wat uit God geboren is, overwint de wereld; dit is de overwinning die de wereld overwonnen heeft: ons geloof.’ Dus we zien het: zacht, licht, hongerig, dorstig, gekruisigde begeerten. Het is niet zwaar, God maakt dat we het doen. En overwinning, … … geloof, … … zegeviering, … … en de zonde zal niet meer heersen. Zie je, terwijl we aan de ene kant antwoord gaven, … … vanwege al die oppervlakkige prediking, zeiden we: ‘Nee, wedergeboorte betekent een nieuwe schepping!’ En als het dat niet is, dan.. Je moet nooit je hoop vestigen op wat voor belijdenis je ook doet. Als het niet leidt tot iets dat op een nieuwe schepping in Christus lijkt, … … en al die dingen waar we over spraken. Maar broeders, wat er dan gebeurt, … … deze verzen komen in onze gedachten.. We krijgen dit plaatje in ons hoofd. En je zit daar als jong gelovige. Weet je nog hoe Don Johnson het beschreef? Een paar van ons waren erbij, hij preekte in de Baptistengemeente. Hij zei dat, toen hij gered werd, leek het wel een oase van rust. Weet je nog dat hij dat zei? Hij zei dat hij zo overstroomde van de vreugde van de Geest, hij zei dat het gewoon heerlijk was. Ik denk dat hij zelfs zei, … … hij herinnerde dat hij gewoon op de grond lag en omhoog keek naar de wolken, … … en hij dat alleen maar: ‘Dit is geweldig. Leven in Christus is geweldig!’ Hij vertelde het verhaal en zei: ‘En dat is het ook! Het is geweldig.” Maar hij zei: ‘Ik dacht dat het christenleven alleen maar die telkens nieuwe vervullingen met de Heilige Geest zou zijn. Alleen maar onuitsprekelijke vreugde, vol van heerlijkheid.’ En hij zei: ‘Op een dag gebeurde het.’ Die dag kwam, hij zat in de kerk, zei hij, … … en toen kwamen opeens de meest helse gedachten in hem op, hij werd aangevallen. En hij zei dat hij de meest godslasterlijke, dwaze gedachten had over Christus. Hij zei: ‘Opeens vroeg ik mezelf af; ben ik wel echt gered?’ En broeders, ik denk dat juist daar een groot gevaar schuilt. Want bij sommigen van jullie gebeurt het, … … opeens breekt heel de hel los tegen je, je bent geschokt: ‘Wat gebeurt hier?’ Ik dacht.. ‘Zijn juk is zacht, Zijn last is licht.’ En dat is ook zo. Maar broeders, onthou dit: We gaan door de nauwe poort, … … en de weg is moeilijk, en leidt door veel verdrukkingen. Dat betekent niet dat Zijn juk niet zacht is en licht. Ik bedoel, wat Hij ons te doen geeft, daar geeft Hij ons ook een verlangen naar. We hongeren en dorsten echt. Maar dat maakt de weg nog niet makkelijk. Als Hij met ons is, is dat absoluut goede hulp, en Hij geeft absoluut vreugde aan de ziel. Maar broeders, wat ik wil zeggen, wat er gebeurt, en ik heb het zien gebeuren, … … dat sommigen van jullie op dezelfde weg komen als Don Johnson was, … … en opeens breekt de hel los tegen je, en je wankelt. Je begint je af te vragen: ‘Ben ik eigenlijk wel gered?’ Veel van jullie hebben in deze tijd deel gekregen aan het Koninkrijk. Nu er zo’n radicale nadruk ligt op natuur van de wedergeboorte. En je wordt er zo krachtig door geraakt, … … dat als de hel tegen je losbarst, … … dan denk je: ‘Het is niet zacht, het is niet licht.’ Je voelt helemaal niet dat je zegeviert. Het voelt alsof er geen overwinning is. En het voelt alsof de zonde wel degelijk enigszins over je heerst. Het voelt alsof niet al je verlangens zijn gekruisigd, en je gaat erdoor wankelen. En het gevolg is, dat sommigen gaan denken: ‘Misschien ben ik wel niet gered.’ En soms zien andere mensen het, vooral jongeren, … … en zij concluderen dat ook zij misschien niet gered zijn. Op zo’n moment, als er eigenlijk iemand je terzijde zou moeten staan, … … om je te helpen, toe te rusten, aan te moedigen, je in de juiste richting te wijzen. Er zijn soms mensen die dan komen en zeggen: ‘Volgens mij ben je niet gered.’ En dat helpt niets. Dat maakt het alleen maar gecompliceerder. Dus, broeders, er moet een balans zijn. Wat ik wil doen in de tijd die voor ons ligt, is dat ik wil kijken naar die zonden. Want, broeders, ik weet het nog. Ik weet het nog. Ik weet nog dat ik tot Christus kwam. En ik had geen goede kerk, … … ik had geen goede voorgangers, … … ik was daar eigenlijk op mezelf aangewezen. Ik ben gered door de bediening van John Macarthur, en ik werd daar ook door onderwezen. En ik was niet in een goede kerk, maar MacArthur was erg ver weg van Michigan. En het kwam erop neer dat de mensen waar ik naartoe ging in de kerk me niet in de waarheid leidden. Broeders, ik weet nog.. Ik weet nog.. Toen ik katholiek in naam was, twijfelde ik nooit aan het bestaan van God. Maar toen de Heere me redde, had ik vreselijke, helse aanvallen van atheistische gedachten. Het bestormde mijn verstand: ‘God bestaat niet, God bestaat niet!’ Ik ging ‘s nachts het veld in om te bidden, en soms vroeg ik me af: ‘Heere, waarom bid ik eigenlijk tot U als U niet bestaat?’ Het was.. God had me te pakken, … … en Hij bewerkte geloof in mij dat sterker was dan al de duivels.. Luister, … Wanneer Christus de sterke man bindt, en jou van hem afneemt, … … ik garandeer je.. Herinner je ‘de Christenreis’? Hij kwam Apollyon tegen in de Vallei Verootmoediging. Die zegt: ‘Als ik me goed herinner ben jij een van mijn slaven, … … en ik ben gekomen om je weer terug te halen.’ En ik verzeker je, de duivel zal je proberen terug te halen, ook ik had helse gedachten van ongeloof. En toen, daarvoor nog, … … gedachten bestormden me dat ik de onvergeefbare zonde had begaan. John Bunyan is daar ook doorheen gegaan, die Puritein. Ik weet het nog, met mijn hoofd tegen de muur, om maar niet die gedachte proberen te denken. ‘Ik ga het niet denken, ik ga het niet denken!’ Je probeert je hoofd helemaal leeg te houden.. en ik dacht het. Het was gedaan. Ik heb het begaan. Ik ben ook door al deze dingen gegaan, broeders, een voor een. Broeders, nog maar vier maanden geleden had ik zulke aanvallen. Het was precies toen we de Flaspoehlers naar Peru hebben uitgezonden. En James was net klaar om de Spaanse versie van ‘I’ll be Honest’ te publiceren. En we waren net klaar om te beginnen met de bediening in Eastside. John Sytsma ervoer het ook. Broeders, het was zo duister, … … dat ik niet wist of ik het wel zou halen, keer op keer. Het was alsof.. Ik voelde uiterste hopeloosheid en duisternis. Weet je, … … broeders, we zitten in een werkelijke strijd, … … we lopen niet door een oase van rust en vrede. Christus heeft gezegd dat Hij met ons is. En ik garandeer je, ik verzeker je dat middenin dat alles, er vreugde zal zijn. Er zullen glorieuze openbaringen zijn van Christus. Broeders, ik zou dit leven niet willen ruilen met wat ik hiervoor had, nergens voor; nergens voor. Ik wil Christus meer dan alles. En als je Hem hebt, al moet je door de smeltkroes, dat is het best. Broeders, er is een strijd die gestreden moet worden. Ik wil nu dat je naar dit vers gaat: 1 Petrus 2:11. Voor we het lezen; Petrus zegt in dezelfde brief: ‘Geliefden, laat de hitte van de verdrukking, die tot uw beproeving dient, u niet bevreemden, … … alsof u iets vreemds overkwam.’ Wees niet verrast! Don Johnson was verrast. Ik was verrast. Velen van ons zijn verrast, want we zijn nog jong. En omdat het nog niet eerder is gebeurd, en zelfs als iemand ons zou vertellen dat we niet verrast moeten zijn. Toch zijn we het. Het is net als met pasgetrouwden, toch? Ze zijn nog in hun wittebroodsweken, en je probeert ze te vertellen: ‘Luister, er komt een dag dat je problemen zult gaan krijgen.’ En dan geloven ze het eigenlijk niet, toch? En als het komt dan zijn ze alsnog verrast. Je vraagt: ‘Waarom ben je verrast? Ik zei toch dat het zou komen.’ En dat is nou hetzelfde als we die ‘wittebroodsweken’ hebben met Christus. Het is niet zo dat Hij je dan in de steek laat, maar het wordt gewoon moeilijk. Maar luister hier naar: 1 Petrus 2:11: ‘Geliefden, ik roep u op als bijwoners en vreemdelingen u te onthouden van de vleselijke begeerten, … … die strijd voeren tegen de ziel.’ Luister naar deze woorden: ‘Onthoud u van de vleselijke begeerten, die strijd voeren tegen de ziel.’ Luister, wat hier staat, is dat er krachten zijn, die tegen.. Wat betekent dat, dat ze strijd voeren tegen je ziel? Broeders, als je strijd voert tegen iemand, dan is de vijand er op uit om je te vernietigen. Er zijn helse krachten die gericht zijn tegen je ziel. Er zijn anti-ziel krachten die hun vizier recht op jouw hebben gericht. Je moet je onthouden, je moet strijden, je moet oorlogvoeren. Want als je dat niet doet, … … en ze schakelen je uit, … … dan kost het je je ziel. Er loopt daar een man met de apostel Paulus mee, genaamd Demas. En ze kwamen, deze begeerten, en ze trokken aan hem. Ze trokken aan hem, en hij gaf toen, hij streed niet. Hij was daar bij Paulus in zijn bediening, je ziet hem gaan; hierheen, en dan daarheen. En dan moet Paulus zeggen: ‘Demas is weg, hij is teruggegaan naar de wereld.’ Hij werd verliefd op deze huidige wereld, het trok hem weg. Broeders, het gebeurd in ons midden. Er zijn een aantal jonge mensen, die ooit bij ons waren, in onze gemeente. En deze begeerten trekken aan hen, … … en sommigen vallen ervoor. En het kost hen hun ziel, als ze zich niet bekeren en terugkomen. Broeders, ik wist dat de dag zou komen, dat de strijd werkelijkheid zou zijn. En dat het alleen maar erger wordt. En weet je, het is zo, het is net een veldslag. Je gaat het slagveld op.. Ik heb eens zitten denken over veldslagen hoe dat gaat. Je gaat misschien bij de Mariniers. Het is eervol, je hebt je uniform, … … je marcheert rond, je traint veel. En ik kan me voorstellen, toen voor het eerst, … … toen de Mariniers de jungles van Vietnam ingingen, … … toen ze voor het eerst bestookt werden met vijandelijk vuur, dan is het opeens echt. Opeens is het: ‘Wat gebeurt er in vredesnaam? Dit is niet wat ik had verwacht. Mensen worden om me heen aan stukken geschoten; overal liggen doden op het slagveld.’ Dit is echt. Dit gaat om je ziel. Dit is een strijd om je ziel, en je vecht en overwint, … … of je wordt een slachtoffer op dat slagveld. En je zult je ziel verliezen. Dit is leven, en dit is dood. Dit is geen tijd om te spelen, broeders. De verlangens van de ziel zullen sommigen van jullie neerhalen, … … en sommigen van jullie zullen doorvechten door het geloof in Jezus Christus, … … in de kracht van de Geest, en je gaat het halen. Maar het zal niet gemakkelijk worden. ‘Wie overwint,’ zegt Christus, ‘zal een plaats krijgen.’ Je zult daar een plaats hebben, je zult overwinnen, je zult op Zijn troon zitten met Hem. Je overwint, je zult een pilaar zijn in de tempel van Zijn Vader. Maar sommigen van jullie.. Sommigen zijn al gevallen, broeders, en we moeten ervoor vechten. Vecht met alles wat je in je hebt. Mensen, er zijn krachten die jou vernietiging op het oog hebben, en dat zijn begeerten. We lezen het hier. ‘De vleselijke begeerten die strijd voeren tegen de ziel.’ En broeders, mensen verliezen hun ziel, … … voor seks, … … voor een man, een vrouw, voor geld, … … voor.. Iemand niet kunnen vergeven. Ze worden verbitterd, ze gaan iemand haten. Voor jaloezie. Voor een verlangen om populair te zijn, een verlangen om te hebben wat jij wilt, op jouw manier. En mensen verliezen hun ziel. Broeders, dit is een gevecht tot de dood. Jezus Christus zegt: ‘Wat baat het de mens als hij de wereld wint, maar schade lijdt aan zijn ziel.’ Zie je hoe vreselijk dwaas het is als iemand wegloopt van Christus vanwege zonde. En Petrus zegt verderop: ‘Het zou iemand beter geweest zijn om het niet te weten, dan de waarheid te kennen, … … om dan als een hond terug te gaan naar zijn uitbraaksel, terug naar zijn zonde.’ En ik weet, broeders, als we strijden, … … dan zijn er tijden.. Letterlijk in de laatste vier, vijf maanden, … … ik wist niet hoe ik de volgende minuut moest halen. De strijd was zo sterk in mijn eigen ziel. Maar ik was temidden van dat vastbesloten. Wat voor hel er ook over me heen zou komen, wat voor begeerten er zouden woeden. Ik wil Christus, en ik geef niet op. Zelfs al zou de rest van mijn leven zo zijn, zelfs al zou ik moeten vechten. De zon brak weer door, maar soms als je er middenin zit, … … dan lijkt het alsof de zon nooit meer gaat schijnen. Broeders, we leven middenin een wereld, en weet je, … … het enige wat je hoeft te doen is de reclames kijken op TV. Die reclames zijn erop gericht om je je ziel te laten verliezen. Kijk wat ze tentoonstellen. Seks. Trots. Wereldgelijkvormigheid. Broeders, huidige reclames richten zich op vleselijke begeerten. Dat is de drijvende kracht. Kun je je voorstellen, kun je je voorstellen, broeders, … … als we iedere persoon voor het aangezicht.. Als we alle 2,5 mijoen mensen hier in San Antonio nu konden meenemen, … … en we konden ze nu brengen voor de troon van God. Om iets te laten zien van de Heerlijkheid die Jesaja zag, toen hij op zijn aangezicht viel. En we konden ze meenemen naar de hel, om ze daar de verlorenen te laten zien. En daarna brachten we ze weer terug naar deze tekst. En we zeggen: ‘Er is een strijd gaande om je ziel.’ Weet je hoe anders alles zou zijn morgen? Alles in de krant zou hierover gaan. Alles op het journaal zou hierover gaan. Al de professoren op de universiteiten zouden hierover praten. Alles zou hierover gaan. En toch, toch kunnen jij en ik rondlopen in deze stad, en er is geen enkel reclamebord hierover. Het is nergens op de radio. Je zou hier en daar een christelijke zender kunnen vinden, en zelfs dan is het meestal onzin. Ga maar kijken op de universiteiten. Broeders, een van de meest fenomenale werkelijkheden waar wij mee te maken hebben, is de strijd om onze ziel. En het is alsof.. Het is alsof de wereld nergens van af weet. En er zijn mensen die beweren christen te zijn, … … en ze delven het onderspit. Ze zeggen: ‘Ik wil mijn zonde liever dan Christus.’